1. Niet komen opdagen.
  2. Voortdurend dingen uitstellen.
  3. Als je dan eindelijk iets doet, iets doen wat op dat moment niet het belangrijkst is.
  4. Te veel nadenken.
  5. Overal de negatieve kanten van zien.
  6. Vasthouden aan je eigen gedachten en niet openstaan voor invloeden van buitenaf.
  7. Je laten overspoelen met informatie.